Zionisme en de Eerste Wereldoorlog

In dit stukje lees je over het begin van de moderne geschiedenis van Israël. Vanuit de diaspora ontwikkelde zich een belangrijke ideologie onder de Joden en dit was van groot belang voor de ontwikkeling van het land. De Eerste Wereldoorlog zou uiteindelijk het einde betekenen van de islamitische overheid en Groot-Brittannië kreeg de taak het land te regeren.

ZIONISME

Terwijl het de Joden in Palestina redelijk voor de wind ging, voelden de Europese Joden zich steeds meer tweederangs burgers. Vooral in Oost Europa nam discriminatie en geweld tegen Joden toe. Daarnaast waren tijdens de 18e en 19e eeuw verschillende politieke stromingen ontstaan waarin de nadruk werd gelegd op zelfbeschikking, oftewel: zelfbestuur voor je eigen mensen.

Grof gezegd kan je dus stellen dat discriminatie enerzijds en nieuwe politieke stromingen anderzijds vooral de Europese Joden aanzetten om tot actie over te gaan. Het was de Weens-Joodse journalist Theodor Herzl die met een congres in 1897 in Zwitserland een naam gaf aan deze stroming: het Zionisme.

Zionisme kan je omschrijven als een politiekgerichte ideologie waarbij de vestiging van een Joodse staat centraal staat. Je kunt zeggen dat zionisme de Joden weer een zekere mate van eenheid en vooruitzicht geeft, vooral na vele jaren van vervreemding en vervolging.

Zionistisch denken stimuleerde veel Joden om naar het Midden-Oosten te verhuizen. Aan het einde van de 19e en het begin van de 20e eeuw gingen enkele duizenden voornamelijk Oost-Europese Joden aan de slag als boeren in het huidige Israël. De Ottomaanse bestuurders waren niet blij met deze immigratie en probeerden de nieuwkomers dan ook zo veel mogelijk beperkingen op te leggen, bijvoorbeeld door de verkoop van grond aan joodse immigranten te verbieden.

BRITS MANDAAT

De Eerste Wereldoorlog bracht een einde aan het Ottomaanse Rijk. In december 1917 namen troepen uit Groot-Brittannië Jeruzalem in en luidde hiermee het begin in van het Britse mandaat (tijdelijk bestuur) over Palestina. Dit mandaat werd verstrekt door de Volkenbond, een voorloper van de Verenigde Naties, aangezien de enorme gebieden die voorheen onder het Ottomaanse Rijk vielen nu door deze internationale organisatie bestuurd moesten worden.

In 1922 werd dit mandaat officieel gemaakt en werd tevens door de Volkenbond afgesproken dat in Palestina (wat toen bestond uit het huidige Israël, de Palestijnse Gebieden en Jordanië) een Joods thuisland gevestigd zou moeten worden. Dit was eerder al in 1917 door de Britten beloofd toen de politicus Lord Balfour een verklaring aflegde dat in Palestina een Joods thuisland gevestigd zou worden: de Balfour Verklaring.

Het nieuwe Britse bestuur en de voornemens van de internationale gemeenschap stimuleerden nog meer Joden uit centraal en oostelijk Europa om naar Palestina te gaan. Duizenden nieuwkomers brachten niet alleen veel kennis met zich mee, maar zorgde voor een enorme economische groei, agrarische verbetering en een uitgebreide wegennetwerk. Al snel ontwikkelde zich een soort zelfbestuur, voornamelijk via de ‘Jewish Agency’, die alle contacten met de Britse bestuurders onderhield.

SPANNINGEN JODEN EN ARABIEREN

De toenemende welvaart in de regio zorgde ervoor dat veel Arabieren in deze periode ook naar Palestina vertrokken. Uit allerlei omringende landen stroomden grote aantallen Arabische emigranten aan om werk te vinden in dit gebied.

Het Britse bestuur moest natuurlijk ook rekening houden met de lokale Arabische bevolking van Palestina. Deze hadden niet alleen te maken gehad met eeuwenlange buitenlandse overheersing maar voelden zich ook bedreigd door de Joodse immigranten en hun wens op een thuisland. De jaren ’20 en ’30 van de vorige eeuw worden dan ook gekenmerkt door veel geweld tussen Joden en Arabieren: duizenden mensen kwamen om bij gevechten. De Britten besloten hierop in 1937 definitief voor te stellen het land te verdelen in een Arabisch en een Joods deel. Hoewel de Jewish Agency hier wel oren naar had, weigerden de Arabische leiders iedere vorm van opdeling en bleef het geweld voortbestaan. In een poging dit geweld te verminderen legden de Britten beperkingen op aan de Joodse immigratie.
 

 

Hoewel de voorkeur uitging naar Palestina als thuisland, kwamen ook andere opties aan de orde zoals Oeganda in Afrika!